1. HET EXAMEN
Hoe ziet het examen eruit?
Vmbo
De meeste examens met gemengde vraagvorm bestaan voor 50 tot 70 procent uit gesloten vragen en voor 50 tot 30 procent uit open vragen. Bij de algemene vakken heeft alleen het examen wiskunde uitsluitend open vragen. De cse beroepsgericht hebben een gemengde vraagvorm. Bij de cspe’s bestaan de praktijkonderdelen uit open vragen en wordt je theoriekennis getoetst in de vorm van minitoetsen met meerkeuzevragen.
Havo/vwo
De helft van de examens hebben alleen open vragen. De examens moderne talen bestaan voor ongeveer 60 procent uit meerkeuzevragen. Daarnaast bestaan biologie en Nederlands voor een deel uit open vragen en voor een deel uit meerkeuzevragen. De examens beeldende vakken, Latijn, muziek en economie 1 (havo) hebben een beperkt aantal meerkeuzevragen en vooral (of soms alleen) open vragen.
Wat mag je allemaal meenemen naar je examen?
Bij alle vakken mag je dit meenemen:
- schrijfmateriaal incl. millimeterpapier
- tekenpotlood
- blauw en rood tekenpotlood
- liniaal met millimeterverdeling
- passer
- geometrische driehoek
- vlakgum
- elektronisch rekenapparaat
Woordenboek Nederlands
Sinds 2007 is bij alle schriftelijke examens een woordenboek Nederlands toegestaan. In plaats van het eendelig woordenboek Nederlands mag ook gebruik gemaakt worden van een woordenboek van Nederlands naar een vreemde taal (bijvoorbeeld naar de thuistaal van de kandidaat). Een digitaal woordenboek is niet toegestaan.
Het woordenboek kan een handig hulpmiddel zijn, maar kan ook leiden tot tijdnood als je te veel woorden opzoekt. Bij vakspecifieke termen kan het woordenboek ook verwarrend zijn, omdat een woord meerdere betekenissen kan hebben.
Nieuwe spelling
In 2008 geldt de officiële spelling van oktober 2005, maar schrijfwijzen volgens de 'oudere' spelling van 1995 worden in 2008 (voor de laatste keer) niet fout gerekend.
Andere hulpmiddelen
Bekijk voor de andere hulpmiddelen de examenroosters via het menu aan de linker kant.
Computer
Bij alle schriftelijke examens is de computer toegestaan als schrijfgerei. De computer kan ook worden gebruikt als hulpmiddel voor kandidaten met een beperking zoals dyslexie of slechtziendheid, voor audio of vergroting ‘op maat’.
Ook in 2008 kan de school ervoor kiezen om een examen in Compex-vorm aan te bieden. Dan heb je bij een deel van het examen de computer nodig om de vragen te beantwoorden. Dit jaar kunnen de komende 10 vakken in Compex-vorm worden aangeboden:
Vmbo GL/TL: biologie, NaSk1, economie
Havo: aardrijkskunde, biologie, natuurkunde 1,2
Vwo: wiskunde A1, wiskunde A1,2, biologie, natuurkunde 1,2
(Voor havo economie is er in 2008 geen Compex-examen meer.)
Bij andere bepaalde examens wordt mogelijk een computer gebruikt. Bij andere vakken heeft de school de keuze tussen een versie van het examen waarbij de computer wel nodig is en een versie waarbij de computer niet nodig is.
Bij bepaalde examens is een computer nodig.
Kijk voor welke vakken in de examenroosters via het menu aan de linker kant.
2. NAKIJKEN, NORMEN & CIJFERS
Wie kijkt mijn examen na?
Je eigen docent kijkt als eerste je examen na. Hij is dus de eerste corrector.
Daarna gaat je schriftelijk werk naar de tweede corrector, een leraar van een andere school.
Jouw docent en die andere docent bepalen in overleg je score en geven die door aan de directeur van je school.
Wat is de norm?
Elk examen heeft straks zijn eigen norm, de N. De N is een getal tussen de 0,0 en 2,0. Deze wordt pas bekend op de dag dat de normeringen op de examens bekend worden.
Een N van 1,0 betekent dat het examen gemiddeld moeilijk was. Als je dan de helft van het maximaal aantal te behalen punten haalt, heb je precies een 5,5.
Een N van 2,0 is een soepele norm voor een relatief moeilijk examen.
Een N van 0,0 is een strenge norm voor een relatief makkelijk examen.
Hoe makkelijker een examen, hoe meer punten je moet halen om een voldoende te halen.
Bekendmaking normen
In 2008 is dat voor de beroepsgerichte vakken van vmbo BB, KB en GL 4 juni 2008 om 08.00 uur op cito.nl.
Voor de algemene vakken van vmbo is dat 11 juni om 08.00 uur op examen.nl.
Voor havo en vwo is dat 12 juni om 08.00 uur op examen.nl.
Op 25 juni worden de normen van het tweede tijdvak bekendgemaakt.
Zie ook de Examenkalender via de link Examenrooster in het menu.
Lees meer bij Wist je dat.
Hoe wordt mijn cijfer berekend?
Als je weet welke score je ongeveer hebt gehaald, weet je nog niet welk cijfer je hebt. Voor de meeste scores wordt je cijfer uitgerekend met deze formule:
Cijfer = 9 * S / L + N
S = score
L = lengte van de scoreschaal (maximumscore)
N = norm
Stel N is 1,0 en je score is 40 van de maximale 70 punten, dan wordt de formule:
9 * 40 / 70 + 1,0 = 6,1
Om je cijfer uit te rekenen, zijn dus behalve de score (S) ook belangrijk: de lengte van de scoreschaal (L) (de maximumscore) en de normeringsterm (N).
De norm (N) wordt na afloop van het examen door de CEVO vastgesteld.
Niet altijd worden alle scores precies volgens deze formule uitgerekend. Voor de laagste en de hoogste scores kan er een net iets andere formule worden gebruikt. De bovenstaande formule geeft dus een indicatie van je cijfer.
Meer info hierover vind je op de site van Cito.
In principe heeft een examen in het tweede tijdvak dezelfde norm als in het eerste tijdvak. De 'voorlopige' normeringstermen zullen nooit ten nadele van de kandidaten worden bijgesteld. Ze worden alleen gewijzigd als uit vergelijking van het eerste met het tweede tijdvak blijkt dat het tweede tijdvak moeilijker is dan het eerste.
Hoe wordt de norm bepaald?
De scholen sturen steeds de resultaten van minimaal 5 kandidaten op naar het Cito. Die gaan in de computer en worden vergeleken met resultaten uit vorige jaren. Daarna gaan ze naar de CEVO, die ook reacties van docenten en vakverenigingen van docenten verzamelt.
Zit er een fout in het examen, dan weet de CEVO dat meteen. Dit wordt doorgegeven aan de docenten die de examens corrigeren.
Het LAKS heeft ondertussen alle klachten van scholieren verzameld en naar de CEVO gestuurd.
Met al die info bepaalt CEVO de definitieve norm.
Hoe bepaal ik mijn eindcijfer?
HAVO/VWO
Neem het cijfer voor je schoolexamen en dat voor je centraal examen. Tel die op en deel door 2 en je hebt je eindcijfer voor dat vak.
VMBO
Je eindcijfers die straks op je cijferlijst komen te staan, worden zo berekend:
Vmbo BB: neem 2 maal het cijfer voor je schoolexamen en 1 maal het cijfer voor je centraal examen. Tel die op, deel dat door 3 en je hebt je eindcijfer voor dat vak.
Vmbo KB, GL en TL: neem 1 maal het cijfer voor je schoolexamen en 1 maal het cijfer voor je centraal examen. Deel dat door 2 en je hebt je eindcijfer voor dat vak.
Je cijfers voor het schoolexamen en centraal examen hebben een decimaal achter de komma. Dat hebben je eindcijfers niet, die worden afgerond. Als de uitkomst van de berekening niet een geheel getal is, wordt het cijfer naar beneden afgerond als het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, en naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma een 5 of hoger is.
Een 5,43 wordt dus een 5, een 5,45 ook, en een 5,5 wordt een 6.
3. DIPLOMA
Wanneer krijg ik een diploma?
Als je geslaagd bent voor het hele examen, krijg je een diploma van de directeur van je school. Dit geldt ook als je het examen voor de staatsexamencommissie hebt afgelegd.
Heb je geen examen gedaan, maar heb je wel genoeg vrijstellingen in de afgelopen jaren verzameld om aan de eisen van een volledig eindexamen te voldoen? Dan kun je die vrijstellingen bij het staatsexamen inwisselen voor een diploma. (Dit geldt voor havo, vwo en vmbo TL.)
Je certificaten of cijferlijst kunnen omgewisseld worden voor een diploma. Dit doet de staatsexamencommissie, maar alleen in bijzondere gevallen. Bijvoorbeeld als je examen gymnasium doet en zakt vanwege een onvoldoende voor Latijn. Als Latijn buiten de uitslagregeling wordt gehouden en je recht hebt op een vwo-diploma, dan kun je daarvoor terecht bij de staatsexamencommissie.
Ben je havo-kandidaat en wil je vrijstelling op grond van vwo-resultaten? Dan moet je in minimaal 1 vak havo-examen doen of gedaan hebben (vavo of staatsexamen), dat mee moet tellen in de uitslag.
Ik wil een 2e diploma halen. Kan dat?
Ja, dat kan. Dat kan bij de staatsexamencommissie of bij een ROC. Je kunt alleen niet een gekregen diploma vernietigen en een volledig nieuw diploma krijgen.
Voorbeeld: je hebt een diploma vwo profiel Natuur en Gezondheid en doet nu bij een ROC twee vakken waardoor je in combinatie met de eerder op de dagschool behaalde cijfers een diploma vwo profiel Natuur en Techniek kan halen. Dan krijg je een nieuw diploma met cijferlijst waarop ook de cijfers die je haalde aan de dagschool staan.
Rond je 2 profielen bij 1 instelling in hetzelfde jaar af, dan krijg je 1 diploma waarop allebei de profielen staan, en twee aparte cijferlijsten.
Ik heb mijn diploma gehaald, maar wil mijn examencijfer van een vak verbeteren, om meer kans te maken bij een inlootstudie. Kan dat?
Je kan een cijfer van een vak verbeteren, maar dat heeft weinig zin. Bij de loting telt alleen het gemiddelde van de cijferlijst die bij je diploma hoort.
Je kan wel opnieuw examen doen voor een vak, maar dan krijg je een certificaat daarvoor. Dat certificaat telt niet mee bij een loting. Om een hoger gemiddelde op je cijferlijst te krijgen, zal je het volledige examen opnieuw moeten afleggen.
4. CERTIFICATEN
Wat is een certificaat?
Een certificaat is een soort diploma, maar dan voor een of meerdere vakken die samen niet voldoende zijn om een diploma op te leveren. Op een certificaat staan het vak of de vakken waarvoor je als eindcijfer een zes of hoger hebt gehaald.
Op het certificaat staan geen cijfers. Die staan op de cijferlijst die bij het certificaat hoort.
Dagscholen voor havo en vwo reiken geen certificaten uit, maar cijferlijsten.
De certificaten van een vavo-instelling (vavo is voortgezet algemeen volwassenen onderwijs) en van de staatsexamens zijn even veel waard.
Wanneer krijg ik een certificaat?
- Als je als vavo-kandidaat voor een of meer vakken deeleindexamen hebt gedaan en geen diploma hebt gehaald, krijg je een certificaat voor de vakken waarvoor je als eindcijfer een 6 of hoger hebt behaald.
Certificaten krijg je alleen voor losse vakken en dus niet als je een diploma haalt voor een hele opleiding.
- Als je deelstaatsexamen hebt gedaan of niet bent geslaagd voor het staatsexamen.
Dan kun je voor de vakken die je wel met een 6 of hoger hebt afgesloten certificaten krijgen.
- Als je als vmbo-kandidaat bent afgewezen voor het eindexamen en je jouw school verlaat, en voor een of meer vakken van dat eindexamen als eindcijfer een 6 of meer hebt gehaald.
- Als dagschoolkandidaat krijg je nooit een certificaat, maar wel een cijferlijst die je kan laten verzilveren.
Als je niet slaagt voor je eindexamen kan je wel een cijferlijst krijgen, die aangeeft welke vakken je met een zes of hoger hebt afgesloten.
5. HERKANSEN
Wanneer heb je recht op een herkansing?
Je hebt altijd recht op het herkansen van één vak. Daarmee kun je dus een eventuele onvoldoende opkrikken, maar ook als je een voldoende had, mag je één vak opnieuw doen. Het hoogste cijfer telt namelijk.
Had je al een voldoende? Dan is het nadeel natuurlijk wel dat je opnieuw moet blokken voor een examen en nog geen vakantie hebt.
VMBO:
Als je een basisberoepsgerichte leerweg (BB) volgt of een kaderberoepsgerichte leerweg (KB), heb je naast een herkansing voor het centraal examen ook nog recht op een herkansing van het centraal schriftelijk en praktisch examen (cspe). Dit kan de hele toets zijn, of 1 of meer onderdelen ervan.
Je moet dat wel op tijd aan de directeur laten weten.
Heb je examens gemist en had je daar een geldige reden voor? Dan mag je die vakken alsnog doen. Misschien kun je zo al je vakken halen, maar je mag nooit meer dan twee vakken op één dag herkansen.
Ik ben gezakt. Wat nu?
Als je bent gezakt, krijg je van school een cijferlijst. Op die lijst staan al je vakken met de behaalde eindcijfers. Met die cijfers kun je via het volwassenenonderwijs alsnog een diploma halen door voor de vakken met onvoldoendes voldoendes te halen.
Blijf je aan een dagschool onderwijs volgen, dan krijg je geen cijferlijst. Je moet dan in alle vakken opnieuw examen doen.
SCHOOLEXAMEN:
De school bepaalt welke vakken je moet overdoen voor het schoolexamen. Zo heb je extra tijd voor je ‘zwakke’ vakken.
Dit geldt ook voor een leerling die is blijven zitten.
CENTRAAL EXAMEN:
Dit geldt niet voor het centraal examen. Ben je daarvoor gezakt, dan moet je alle vakken opnieuw doen.
6. STAATSEXAMEN
Wat is het staatsexamen?
Het staatsexamen is speciaal voor mensen die niet naar school gaan, maar wel een diploma willen halen. Je bent dan zelf verantwoordelijk voor de voorbereiding op dit examen.
Een staatsexamendiploma heeft dezelfde waarde als een vergelijkbaar diploma dat met een schoolexamen is behaald.
De staatsexamens bestaan uit 2 onderdelen: het centraal eindexamen en het commissie-examen. De staatsexamencommissie neemt het commissie-examen zo veel mogelijk af zoals het schoolexamen.
Doe je staatsexamen, dan kun je het diploma vwo, havo of vmbo TL halen. Voor vbo bestaan geen staatsexamens.
Wil je staatsexamen doen, dan moet je je aanmelden bij de Informatie Beheer Groep, bij de afdeling staatsexamens vwo-havo-vmbo van het onderdeel Examendiensten.
Wie doen staatsexamen?
Het staatsexamen wordt onder andere gedaan door kandidaten die het normale onderwijs niet naar eigen tevredenheid hebben afgerond. Bijvoorbeeld als zij bepaalde vakken missen voor een bepaalde vervolgopleiding.
Daarnaast doen scholieren uit het speciaal onderwijs staatsexamen, onder meer van scholen voor dove en slechthorende, blinde en slechtziende, lichamelijk gehandicapte en moeilijk opvoedbare scholieren.
7. KLACHTEN EN ONREGELMATIGHEDEN
Waar kun je een klacht indienen over de examens?
Heb je een klacht over een examen (over de inhoud of over herrie tijdens het examen bijvoorbeeld), dan kun je deze doorgeven aan de klachtenlijn van het LAKS: 035 – 671 98 89. Getrainde scholieren helpen je daar door te luisteren en zonodig actie te ondernemen.
Als je belt, krijg je eerst een computer aan de telefoon. Die vraagt of je een klacht hebt over de inhoud of de organisatie. Daarna krijg je iemand aan de telefoon.
Je kunt het beste je klachten zo snel mogelijk na het examen doorgeven. Bij een serieus probleem belt het LAKS namelijk direct je school, om samen een oplossing te zoeken.
De klachten over de inhoud van de examens (te moeilijke vragen, vragen die niet kloppen etc.) worden verzameld en doorgegeven aan het Cito. Als daar reden voor is, verandert daarna bijvoorbeeld het totaal aantal punten dat je moet scoren om een voldoende te halen.
Wat gebeurt er als je fraudeert of een andere onregelmatigheid begaat?
Als je bij het examen fraudeert, niet aanwezig bent, te laat je werk inlevert of een andere onregelmatigheid begaat, kan je school (één van) de volgende maatregelen of een combinatie daarvan nemen:
• Je een 1 geven voor dat examenonderdeel;
• Je uitsluiten van (verdere) deelname aan een of meer examenonderdelen;
• Toetsen of examenonderdelen die je al hebt gedaan ongeldig verklaren;
• Opnieuw examen in een of meer onderdelen laten doen.
Zo’n besluit geeft de school altijd door een de Onderwijsinspectie. Vindt de inspectie dat het examen op een school niet op de juiste manier gebeurde, dan kan ze besluiten dat één of meerdere kandidaten het examen opnieuw moeten doen.
Dit alles geldt trouwens ook voor het schoolexamen.
Kom je minder dan 30 minuten te laat, dan word je nog toegelaten tot het examen. Maar je hebt wel minder tijd, want je moet tegelijk met de rest stoppen.
8. BIJZONDERE KANDIDATEN
Ik ben allochtoon en Nederlands is niet mijn moedertaal. Kan ik een aangepast examen krijgen?
Ja, dat kan. Heb je (met inbegrip van het schooljaar waarin je examen doet) niet langer dan 6 jaar onderwijs in Nederland gevolgd? En is Nederlands niet je moedertaal? Dan kun je toestemming krijgen voor een aangepast examen. De enige mogelijke aanpassingen van het examen zijn:
· maximaal 30 minuten extra tijd voor je examen
en/of
· het gebruik van een verklarend woordenboek Nederlandse taal
Voor de vakken Nederlands en Nederlandse taal- en letterkunde, en vakken waarbij het Nederlands belangrijk is, geldt: als de correctievoorschriften van deze examens aandacht hebben voor spel- en stijlfouten, kan deze normering enigszins worden aangepast.
Ik heb een (lichamelijke) beperking. Kan ik een aangepast examen krijgen?
Ja, de directeur kan toestemming geven aan een kandidaat met een beperking om het examen helemaal of gedeeltelijk aangepast af te leggen.
Als je recht hebt op audio, is een hulpmiddel dat voor de audio zorgt (daisyspeler, computer of leespen) toegestaan.
Bij aardrijkskunde kan het atlasgebruik voor kleurenblinde kandidaten moeilijk zijn. Het is toegestaan een surveillant op verzoek een door de kandidaat aangewezen kleurvak op kleur te laten benoemen, of een door de kandidaat genoemde kleur aan te wijzen.
Voor kandidaten met een visuele beperking kan het gebruik van het afleesvenster van de grafische rekenmachine problemen geven. Ook daarbij kan een surveillant niet-inhoudelijke toelichtingen geven.
Is de lichamelijke handicap niet objectief waarneembaar, dan zijn er extra voorwaarden waaraan je moet voldoen.
Ik heb het onderwijs in mijn examenjaar niet voldoende kunnen volgen, door langdurige ziekte of overmacht? Wat nu?
Dan zou je toestemming kunnen krijgen om het eindexamen gespreid over 2 jaar af te leggen. De uitslag wordt dan bepaald na het tweede examenjaar. Maar wordt besloten het examen na het eerste examenjaar af te breken, dan kan de uitslag worden vastgesteld, ook al is het examen niet helemaal gedaan.
Ik ben hoogbegaafd. Welke mogelijkheden zijn er voor mij?
VMBO:
Ben je hoogbegaafd en vind je niet genoeg uitdaging in het eindexamen? Dan kan de directeur op jouw verzoek examenresultaten die je in je eindexamenjaar hebt behaald aan een vavo-instelling of bij de staatsexamencommissie toevoegen aan je cijferlijst. Die aanvullende vakken tellen dan mee bij de uitslag.
TWEEDE FASE:
Ben je hoogbegaafd en vind je niet genoeg uitdaging in het profiel dat de school biedt? Dan kan de directeur op jouw verzoek examenresultaten die je in je eindexamenjaar hebt behaald aan een vavo-instelling of bij de staatsexamencommissie toevoegen aan je cijferlijst. Die aanvullende vakken tellen dan mee bij de uitslag én kunnen leiden tot de vermelding van een tweede profiel op je diploma.
Ik heb dyscalculie. Kan ik vrijstelling krijgen voor wiskunde?
Nee, je kunt wettelijk gezien geen vrijstelling krijgen voor wiskunde. Een kandidaat met een rekenprobleem, heeft bij een paar vakken een probleem met een basisonderdeel van de inhoud. Voldoe je door je dyscalculie niet aan die basiseisen, dan telt dat mee in de resultaten.
Het ministerie van onderwijs zegt dat je, als je een rekenprobleem hebt, voor het profiel ‘cultuur en maatschappij’ moet kiezen. Als het niveau van de wiskunde in dat profiel te moeilijk is, is het niveau van sommige andere vakken, waarbij ook wel eens gerekend moet worden, ook te hoog. Dan moet je dus gewoon een lager opleidingsniveau volgen.
Ik heb dyslexie. Wordt daar bij het examen rekening mee gehouden?
Ja, als je dyslexie hebt, kan je examen worden aangepast. Je hebt dan wel een deskundigenverklaring nodig van een psycholoog of orthopedagoog. Dan kun je extra tijd krijgen: in ieder geval een half uur.
Ook kun je ingesproken examens krijgen of (sinds 2007) examens in grotere letter (punt 11). Je hebt dan wel een voorstel van een psycholoog of orthopedagoog nodig, of deze aanpassing moet eerder zijn geadviseerd.
De begeleiding en faciliteiten die je in vorige schooljaren hebt gekregen vanwege je dyslexie, moet je ook tijdens het schoolexamen en eindexamen kunnen krijgen.
Dit jaar zijn alle examens in een iets grotere letter. Is dat voor jou niet groot genoeg, dan moet de school zelf de tekst vergroten.
Spelfouten bij Nederlands en Engels (als je GL en TL doet) tellen voor iedereen mee. Ook als je dyslexie hebt dus. Je mag wel je woordenboek of spellingcontrole van je computer gebruiken om de spelling te controleren.
Ik heb dyslexie en volg de tweede fase. Kan ik vrijstelling krijgen voor verplichte talen?
Ja, het is mogelijk om bepaalde vrijstellingen te krijgen voor talen als Frans en Duits als je dyslectisch bent. Een voorwaarde hiervoor is dat je voor de overige vakken hoger scoort dan de gemiddelde leerling. Je krijgt nooit volledige vrijstelling van de talen. Je krijgt vrijstelling voor de schrijfvaardigheid en moet extra opdrachten uitvoeren voor spreek- en luistervaardigheden.
Ik volg voortgezet speciaal onderwijs (vso). Kan ik dan ook het vmbo-examen doen?
Ja, dat kan. Als vso-leerling krijg je dan de mogelijkheid om gespreid over 2 jaar examen te doen.
Ik heb kleurenblindheid. Wordt daar bij het examen rekening mee gehouden?
Kandidaten met kleurenblindheid bij havo en vwo aardrijkskunde krijgen in verband met het gebruik van een atlas een ‘bijzitter’. Die persoon benoemt of wijst zonodig kleuren in de atlas aan.
Ik ben blind. Welke aanpassingen zijn er voor mij?
Blinde kandidaten krijgen examens in braille, als tekstbestand voor onder meer de brailleleesregel, en als ingesproken tekst. Deze examens worden ook op onderdelen aangepast: vragen die een groot beroep op visuele voorstelling doen worden vervangen door gelijkwaardige vragen waarvoor dat minder het geval is, cartoons en dergelijke worden door een beschrijving vervangen.
9. COMPEX
Wat zijn Compex-examens?
Compex-examens zijn examens die met behulp van de computer worden afgenomen.
2008
Ook in 2008 kan de school ervoor kiezen om een examen in Compex-vorm aan te bieden. Dan heb je bij een deel van het examen de computer nodig om de vragen te beantwoorden. Dit jaar kunnen de komende 10 vakken in Compex-vorm worden aangeboden:
Vmbo GL/TL: biologie, NaSk1, economie
Havo: aardrijkskunde, biologie, natuurkunde 1,2
Vwo: wiskunde A1, wiskunde A1,2, biologie, natuurkunde 1,2
(Voor havo economie is er in 2008 geen Compex-examen meer.)
Bij de Compex-examens is de overlap met de gewone examens belangrijk. Of je nu Compex-examen of regulier examen doet, je moet aan vergelijkbare eisen voldoen. Als je als kandidaat meedoet met een experimenteel examen, mag je niet gedupeerd worden door het experimentele karakter van het examen.
Computers worden op allerlei manieren gebruikt tijdens de examens. Die manieren zijn:
1. Standaardprogrammatuur en applicaties
Hierbij krijg je de opgaven gewoon op papier en gebruik je de computer om de opgaven uit te werken. Je antwoorden en de resultaten schrijf je op papier of sla je op als bestand op de computer.
Deze manier komt voor in het CSPE (centraal schriftelijk en praktisch examen) voor de beroepsgerichte programma's vmbo BB/KB en in het Compex-project voor de sector/profielvakken vmbo GT, havo en vwo. Je mag bij alle examens de tekstverwerker gebruiken.
2. Beeldschermexamens
Hierbij wordt het examen helemaal op de computer afgenomen. Je ziet de vragen en het uitgangsmateriaal op het scherm en beantwoordt ze op de computer. Het examen wordt afgenomen met behulp van het programma CitoTester. Bij gesloten vragen rekent de computer de score uit en bij open vragen beoordeelt nog steeds je docent de vragen, aan de computer.
Dit gebeurt in de CSPE's voor de beroepsgerichte programma's (minitoetsen), in de pilot voor de algemene vakken vmbo BB en bij de kunstvakken.
Ruim 200 scholen doen dit schooljaar mee aan de pilot. Ook voor Frans KB en Duits KB nemen scholen pilotexamens af.
3. Audiovisuele presentatie
Hierbij wordt de computer gebruikt voor een rijke visuele presentatie. De vragen worden (vooralsnog) op papier beantwoord. Een audiovisuele presentatie wordt gebruikt bij de kunstvakken (muziek, dans, drama en ckv2), voor foto's, geluidsfragmenten en filmbeelden.
Bij de volgende examens is de computer een noodzakelijk hulpmiddel:
Vmbo BB en KB: Frans
Vmbo GL/TL: muziek, dans en drama
Havo en vwo: CKV2
Lees eventueel meer op Eindexamen.nl
|